Sterrenwichelarij slots

Van sterrenwichelarij tot slots: de symboliek van sterren, manen en zonnen in casinospellen

Wie een willekeurige verzameling online casinospellen bekijkt, ziet binnen enkele seconden hetzelfde patroon terugkeren. Sterren, halve manen, stralende zonnen, dierenriemtekens en soms een compleet horoscoopwiel. Deze beeldtaal verschijnt op uiteenlopende platforms, waaronder een no-Cruks online Casino, en is zo alomtegenwoordig dat vrijwel niemand er nog bij stilstaat. Toch is die keuze allesbehalve willekeurig. Achter die iconen ligt een geschiedenis die teruggaat tot Babylonische hemelwaarnemers, langs Italiaanse renaissancehoven loopt en pas heel laat uitkomt bij het scherm van een smartphone. Wat volgt is geen verhaal over spelen, maar over beeldtaal.

De omgekeerde geschiedenis van de tarotkaart

De meest hardnekkige aanname over waarzeggerij en kaartspel is dat de eerste een lange geschiedenis heeft en het tweede daar later een spel van maakte. In werkelijkheid is het precies andersom. Tarotkaarten begonnen als spelmateriaal, niet als orakel. De vroegste bekende decks ontstonden in Noord-Italië in de vijftiende eeuw, waar rijke families zoals de Visconti en Sforza kostbare handgeschilderde kaarten lieten maken. Die kaarten heetten carte da trionfi en dienden voor een slagenspel dat in de verte aan bridge doet denken.

De troefkaarten van dat spel droegen namen die iedere hedendaagse tarotlezer meteen herkent. De Ster, de Maan, de Zon. Ze waren toen geen sleutels tot de toekomst maar allegorische figuren uit een vertrouwd wereldbeeld, in dezelfde traditie als de deugden en de hemellichamen die je op fresco’s uit die periode terugvindt.

De ommekeer kwam pas rond 1781, toen de Franse geestelijke Antoine Court de Gébelin publiceerde dat tarot verborgen Egyptische wijsheid zou bevatten. Historisch klopte daar niets van, maar het idee sloeg aan. Kort daarna bracht Jean-Baptiste Alliette, beter bekend als Etteilla, een deck uit dat expliciet voor waarzeggerij was ontworpen, met astrologie en alchemistische symboliek erin verwerkt. Pas toen werd het spel een orakel.

Dat maakt de hedendaagse situatie eigenlijk een cirkel die zich sluit. Beelden die ooit uit een spel kwamen, werden esoterisch geladen, en keren nu via die esoterische lading weer terug in spellen.

De ster stond al op de allereerste gokautomaat

De mechanische gokautomaat zoals wij die kennen ontstond eind negentiende eeuw in San Francisco, bij monteur en uitvinder Charles Fey. Over het precieze jaartal lopen de bronnen uiteen, met vermeldingen tussen 1894 en 1899, maar over de opzet bestaat weinig discussie. Drie draaiende rollen, een handel aan de zijkant en een handvol symbolen. Naast de kaartsymbolen, het hoefijzer en de gebarsten Liberty Bell stond daar volgens museale beschrijvingen ook een ster op de rollen.

Die ster had geen enkele astrologische bedoeling. Fey koos symbolen die zijn publiek in een saloon in een oogopslag herkende, zonder tekst, zonder uitleg en zonder taalbarrière in een stad vol immigranten. Het hoefijzer stond voor geluk, de kaartkleuren voor het vertrouwde kaartspel en de ster voor precies datgene wat een ster in de volkscultuur altijd al deed. Hoop, wens, iets goeds dat van bovenaf komt.

Waarom stralende vormen het winnen van complexe plaatjes

Er zit ook een puur technische reden achter de dominantie van hemelsymbolen, en die wordt in cultuurbeschouwingen bijna altijd overgeslagen. Een symbool op een draaiende rol moet leesbaar zijn terwijl het beweegt, op klein formaat, in slechte verlichting en vaak met de ooghoek. Onder die omstandigheden presteren vormen die radiaal symmetrisch en contrastrijk zijn het beste. Een ster, een zon, een bel en een kersenpaar hebben allemaal een gesloten omtrek die je herkent zonder dat je hem hoeft te ontcijferen.

Een portret of een landschap doet dat niet. Die vragen tijd. Sterren en zonnen niet. Toen mechanische rollen plaatsmaakten voor beeldschermen bleef die eis merkwaardig genoeg gelden, want een telefoonscherm van enkele centimeters breed stelt dezelfde harde grenzen aan leesbaarheid als een ijzeren kast uit 1900. De vorm overleefde de techniek.

Zon, maan en de zwaartekracht van het getal zeven

De koppeling tussen hemellichamen en geluk zit ook in ons dagritme verstopt. De klassieke oudheid kende zeven bewegende hemellichamen, waaronder de zon en de maan, en die zeven gaven de weekdagen hun naam. In het Nederlands is dat nog letterlijk zichtbaar in zondag en maandag. Datzelfde getal zeven kreeg daardoor een kosmisch gewicht dat het nooit meer kwijtraakte, van religieuze teksten tot de rode zeven die op talloze speelautomaten prijkt.

Ook de tegenstelling tussen zon en maan is ouder dan elk kansspel. In de alchemie stonden Sol en Luna voor goud en zilver, voor actief en passief, voor dag en nacht. Wie let op de kleurpaletten in spelontwerp ziet dat schema onveranderd terug. Goudtinten voor de hoogste waarden, zilver en diepblauw voor het nachtelijke, mystieke register. Dat is geen toeval maar een erfenis van eeuwenoude beeldconventies die zo diep ingesleten zijn dat ontwerpers ze toepassen zonder de herkomst te kennen.

De dierenriem als kant-en-klaar ontwerpsysteem

Voor wie visuele werelden bouwt, is de zodiak bijna te handig om te laten liggen. Het levert twaalf onderling goed te onderscheiden iconen die bij het publiek al betekenis dragen, in vrijwel elk land herkenbaar zijn en geen licentiekosten met zich meebrengen. Een ram, een schorpioen en een weegschaal hoeven niet te worden uitgelegd. Ze roepen meteen een sfeer op van lot, cyclus en persoonlijkheid.

Daar komt bij dat de dierenriem een natuurlijke hiërarchie biedt. Twaalf tekens laten zich moeiteloos ordenen in waardeschalen, en elementen als vuur, aarde, lucht en water leveren kant en klaar vier kleurgroepen op. Wie ooit iets heeft moeten ontwerpen waarin veel losse elementen visueel geordend moeten worden, begrijpt waarom zo’n bestaand systeem aantrekkelijk is. De astrologie fungeert hier minder als geloof en meer als infrastructuur.

Symboliek verklaart geen uitkomst

Eén nuchtere kanttekening hoort erbij, juist omdat dit artikel over beeldtaal gaat. De symbolen op een scherm zijn decor. Ze vertellen iets over cultuurgeschiedenis en over ontwerpkeuzes, maar ze zeggen niets over waarschijnlijkheid. Een ster op een rol is een grafisch element, geen voorspelling. Het onderscheid tussen symbolische betekenis en statistische werkelijkheid is precies waar de hele geschiedenis van sterrenwichelarij om draait, en het blijft ook hier gelden.

Wat overblijft is een fascinerend gegeven. Beelden die duizenden jaren geleden ontstonden toen mensen in Mesopotamië de hemel in vakken verdeelden, zijn via renaissancekaarten, Franse occultisten en een gietijzeren automaat uit San Francisco terechtgekomen op een telefoonscherm. Weinig symbolen hebben zo’n lange en zo’n bochtige reis gemaakt.

Welk hemelsymbool spreekt jou het meest aan, en zou je het herkennen als ontwerp of juist als betekenis?